← Back to Blog

40 dagen in de hel

2019-12-01 20:49:39

1995, 1996, 1997, 1998, 1999, 2000 buikademhalingen, 2000 buikademhalingen om toch maar in slaap te kunnen vallen, om geen paniekaanval te krijgen, om de nacht door te komen zonder iemand te vermoorden of te beginnen roepen of heel mijn kamer kapot te slaan. Braaf blijven, rustig blijven, je manieren houden zodat je hier uit geraakt. Het is drie uur 's nachts, ik ben in de hel beland en ik had zo gehoopt op eindelijk wat verlossing van een leven vol vechten en overleven. Een gevangenis van 40 dagen, zonder professionele hulp, in een zieke psychiatrie die niet meer weet waarom het oorspronkelijk begonnen is. Er is geen liefde in de crisisafdeling van Melle, er is geen liefde in de psychiatrie in België, het is een fabriek geworden waarbij mensen geen mensen meer zijn. De afstand tussen psychiaters, psychologen, verplegers en de patiënten is onmenselijk groot. Ik voel me besmettelijk, ik voel me geen mens meer, ik voel me gevangen in een ziek systeem die zichzelf in stand houdt. Ik voel me verloren, voor eeuwig verloren, en eeuwig is een hele lange tijd. De eerste nacht viel nog mee, ik was nog verdoofd door de hoeveelheid kalmeer pillen die ik had genomen de dag er voor. Een hulpkreet. Ik dacht, het zal wel gaan, men zal mij hier verzorgen, men zal mij opvolgen en men zal er voor zorgen dat ik niet meer zo afzie als de maanden er voor. Ik ga behandeld worden als iemand die kanker heeft of net een zwaar ongeval heeft gehad, met een ongelofelijke dosis professionaliteit en zorg op maat. Maar daar waar mensen met kanker of een zwaar accident fysische pijn hebben, heb ik het nadeel dat ik psychische pijn heb. En psychische pijn zit in je hoofd, en dus doe je het jezelf aan. De realiteit was ver weg van wat ik op gehoopt had. Ik was in de hel beland, en ik dacht dat ik er voor al in de hel zat. De psychiatrie heeft een probleem omdat de 'patiënten' niet samen mogen eten met de verpleging, omdat de verpleging andere toiletten hebben dan de patiënten, omdat ze gecriminaliseerd worden omwille van problemen waar ze zelf nooit om gevraagd hebben. Ik zat in Melle, op de crisisafdeling. Na maanden en maanden zelfmoordgedachten had ik op woensdag 14 februari terug een afspraak met Dr. Tjilp van St-Camillus. Na lang kijken en dingen verplaatsten en mij voorrang geven had ze een plaats de vrijdag voor een achtmaand lange opname op de afdeling DGT. Ondertussen dronk ik al maanden alcohol, rookte ik en at ik kalmeer pillen alsof het snoep was. Ik vertelde Dr. Tjilp dat dit absoluut niet ging lukken met mij. Ten eerste ben ik autistisch en een nieuwe plaats geeft me altijd enorm veel angst. En ik had al zo veel angst. Zonder iets van medicatie ging ik niet tot rust komen, niet kunnen slapen en uiteindelijk paniekaanvallen krijgen. Ik ken mezelf goed genoeg, neem het van me aan. Het antwoord van Dr. Tjilp was: "Eens vijf nachten niet slapen is toch zo erg niet?" Wel, neen, vijf nachten niet slapen is niet zo erg, maar paniekaanvallen hebben, angststoornissen, nachtmerries, Pavor nocturnus hebben, wel, dat is iets anders dan gewoon niet kunnen slapen. En zo kwam het dat ik die vrijdag vol goeie moed in St-Camillus aankwam. 's Middags at ik er iets, ik werd wat voorgesteld, iedereen rookte, en tegen 14u ging ik gaan vragen of ik iets ging krijgen om wat te kalmeren. Je moet weten, ik nam zo'n 3 Valiums per dag, 3 Temesta's per dag, Rivotril, antidepressiva, hydrocortisone, DHEA, twee flessen wijn, enzoverder. Nu plots mij niets meer geven om wat te kalmeren was een recipe for disaster. Om 16u ging ik het nog eens gaan vragen maar het antwoord was njet. En ik had Dr. Tjilp zo goed uitgelegd en gezegd dat het op deze manier met mij niet ging lukken. En zo was ik om 17u weg van de DGT afdeling van St-Camillus. Men vroeg mij nog of het wel veilig was om me naar huis te laten gaan. WELL OFF COURSE NOT. Natuurlijk was het niet veilig. Ik had gehoopt hulp te krijgen, ik had Dr. Tjilp gewaarschuwd, maar regels zijn regels en voor iedereen is het hetzelfde. Prutsers. En zo zat ik vrijdag avond terug thuis, helemaal gedesillusioneerd, ontgoocheld, beschaamd in mezelf, een loser, en tegen dat het maandag werd was ik klaar om te sterven. Ik heb toen een hoop pillen gepakt, best wetende dat ze me niet gingen doden. Een bericht naar mijn ex was genoeg om het proces van collocatie in gang te zetten. Internering. Vernedering. Om 17u stond de politie aan mijn bed en ben ik volgzaam mee gegaan. Ik wou hulp, ik wou weg uit deze constante hel van angst en spanningen en afzien. Via het UZ werd ik overgebracht door de politie naar Melle. De eerste nacht ging er vlot, de tweede nacht begon de hel. En het tellen. En de blaasontstekingen van de angst. Overdag was het overleven van de ene sigaret naar de andere. Men moet mij eens goed uitleggen waarom je in de psychiatrie over de middag geen glas rode wijn mag drinken, maar je je wel compleet kanker mag roken de hele dag door. Makes no sense at all. Melle, de dinsdag viel nog mee, ik weet ook niet meer zo veel, maar dit zijn de dingen die ik wel nog weet en die schandalig waren:

  • Bagage van familie of vrienden werd niet gecontroleerd. Toch niet van mij. Zo stond er naast me op mijn nachtkastje plots een glazen nachtlamp. Genoeg glas om 9 polsen mee over te snijden en nog eens je keel. Ongelofelijk. Bagage werd gewoon niet gecontroleerd. 3 weken later in St-Camillus was dat totaal anders, daar werd het kleinste glazen of plastieken flesje niet toegelaten.
  • Dr. Loerens kwam 's morgens nooit al haar patiënten bezoeken. De dag voordien moest je tijdens de opening van dag opgeven of je de dokter wou zien. Veel mensen wilden natuurlijk de dokter zien, iedereen wou eigenlijk de dokter zien. Maar de dag erna 's morgens was het een triestig zicht. De mensen kwamen samen bij de ingang, wachtend tot Dr. Loerens langskwam na de ochtend vergadering, om dan smekend te vragen of ze haar eens konden spreken. Zo voelde ik me behandeld, als een bedelaar die moest smeken om zijn dokter eens te zien, als een lepralijder die smeekte om wat liefde. Er was geen liefde in Melle. Dr. Loerens zei dat we maar met Maggie De Block moesten gaan praten zodat er meer budget zou vrijkomen voor de psychiatrie. Ik dacht, misschien moet Dr. Loerens één job goed proberen te doen in plaats van 4 slecht. Dr. Loerens, bij deze, je hebt me op een haar na de dood ingejaagd. Je bent geen goeie leider, je doet je job niet naar behoren, en je bent vergeten dat je patiënten de reden zijn waarom je daar werkt.
  • In de crisisafdeling van Melle zijn er kamers met 3 bedden, kamers met 2 bedden en kamers met 1 bed. Hoe kan je nu op een crisisafdeling geen kamer apart hebben? Hadden ze mij in een kamer van drie gelegd, dan waren er doden gevallen. Ik had rust nodig, ik was al maanden aan het smeken om rust, en dan zou je daar in Melle best in een kamer van drie kunnen terecht komen met twee mede 'patiënten' die 's nachts misschien plots beginnen te roepen of te schreeuwen of te wenen. Jezus Christus. Alsof je op intensive care in een ziekenhuis met drie in een kamer zou liggen.
  • Er is een koer in Melle, en die gelijkt echt op de koer van één of andere gevangenis, met ijzeren wanden wel 5 meter hoog, prikkeldraad, ... En ok, fair to say, er zaten mensen voor wie die prikkeldraad zeker nodig was. Maar misschien moeten er dan twee soorten crisis afdelingen komen. Weet ik veel. Straks vertel ik over St-Camillus, helemaal ander gevoel. Compleet anders.

Zo werd het woensdag en zat ik steeds nog gevangen in een totale klem van onuitspreekbare angst. Ik kon geen vijf minuten stil zitten, ik leefde van de ene sigaret naar de andere, ik voelde me het laagste van het laagste, beschaamd, en er was niemand die dat tegensprak. Mensen die heel hun leven roken en vervolgens kanker krijgen mogen op meer medeleven rekenen. Ondanks dat we wanneer ik dit schrijf 2019 zijn, ondanks dat er zoiets is als rodeneuzen dag, het is en zal altijd een verschrikkelijk taboe blijven. Psychisch lijden is een grap tot je het plots zelf meemaakt. Depressie is een grap tot je het plots zelf meemaakt. Burn-outs zijn plantrekkers tot het je het plots zelf meemaakt. Het werd donderdag en ik had een afspraak met de vrederechter op de gronden van Melle zelf. Een kwartier voordien zie ik mijn advocate. Wat een absolute grap. De echte advocaat die me toegewezen was kwam zelfs niet af. Het was een stagiair of iemand in opleiding. In elk geval, het was niets meer of minder dan een formaliteit. Een vrouw die daar patiënt was had me vooraf al gezegd dat je sowieso 40 dagen krijgt. Sowieso. Iedereen. Zonder uitzondering. Geld in hun zakken steken. Geld verdienen met de miserie van anderen. Geld van onze maatschappij dan nog. Geld waarvoor mensen elke dag werken. En ik maar braaf zijn, want ik dacht, als ik braaf ben geraak ik hier uit. Onze maatschappij van angst, het is verschrikkelijk, hoe we het blijven volhouden, hoe we niet allemaal revolteren, hoe we met zijn allen dag na dag armer worden, en hoe 1% rijker en rijker wordt. 40 dagen it was. Ik dacht, ik overleef het hier geen dag meer, en nu moet ik dit hier nog 40 dagen volhouden. Kan er me iemand morfine geven? Kan er iemand me buiten westen slaan? Kan ik ergens eens ROEPEN DAT HET NIET MEER GAAT? Kan ik ergens eens een mens zijn? Kan er me iemand eens vertellen of ik in de ergste nachtmerrie ben terecht gekomen? Kan er me iemand eens een heel klein beetje licht laten zien? Zijn er hier mensen aan de andere kant van de lijn? Ik schrijf dit op voor alle mensen die vandaag de dag nog altijd vast zitten in de psychiatrie van België (en elders waarschijnlijk). Het is er verschrikkelijk. Verpleging en dokters en psychologen zijn niet meer bezig met de menselijke kant van de zaak. Ze zijn uitgeblust, ze zijn hard geworden, een beetje zoals de mensen die dag in dag uit dieren moeten slachten. Op de duur doet het je niets meer. Het doet de hulpverleners in de psychiatrie niets meer. Ik schrijf dit voor alle mensen die nu in de psychiatrie zitten, revolteer, wees niet bang , weest niet braaf, als je geld hebt, klaag ze aan, met alles wat je hebt. Want dat is een beetje het probleem zie je. Mensen die in de psychiatrie terecht komen hebben meestal al geen geld meer, mensen die daar terecht komen kennen meestal hun rechten niet, mensen die daar terecht komen zijn bang en knikken heel vriendelijk ja naar de dokters en verpleging. Het moet maar eens gedaan zijn. Doe jullie werk goed en doe het niet. Vrijdag. Ik kijk op mijn gsm. Hoe ver ligt de autostrade... ik kan rap lopen, ik ben leraar lichamelijke opvoeding, ik loop die hulpverlening er zo af. En ik smijt mezelf onder een camion. Einde verhaal. Weet je hoeveel mensen er per jaar in de psychiatrie van België zelfmoord proberen te plegen? 764 in 2018. En dat zijn enkel de gemelde pogingen natuurlijk. Dat zijn er bijna 2 per dag. Tijd voor besparingen, Maggie De Block, denk ik dan, tijd voor besparingen. We gaan naar buiten, gaan wandelen, ik denk, laat ons wachten, laat ons nog een dag wachten, misschien gebeurt er een wonder, weet ik veel. Maar voor ik het weet ben ik weer binnen in mijn gevangenis. En de dag gaat verder. Als ik nu terugdenk aan toen, ik word direct weer gelukkig. Ik meen dat. Niet alleen voelde ik me toen ontzettend slecht, ik was ook nog eens in een verschrikkelijke plaats terecht gekomen. In een hel, een regelrechte hel. Ik heb twee diploma's, ik ben regent Lichamelijke Opvoeding en Industrieel Ingenieur, ik heb kampen gedaan, ik ben kampleider geweest, ik ben als monitor mee geweest met de CM, ik heb aan doven, blinden, karaktergestoorden, senioren, kinderen, kleuters, jongeren, ... lesgegeven. Ik weet iets over het leven en ik weet ook dat ze in de psychiatrie verkeerd bezig zijn. En ze moeten daar allemaal niet kijken naar onze regering of Maggie De Block of dat er te weinig geld is. Het kan me geen reet schelen. Als je in dat soort werk zit, dan doe je in de eerste plaats je werk goed. Als je met mensen werkt, als je met kinderen werkt, als je met ouderen werkt, dan doe je je job gewoon goed. Dan kan je niet anders dan je job gewoon super goed doen. Als je in de psychiatrie werkt en je controleert bagage niet, waardoor er een glazen lamp bij iemand terecht komt die al maanden en maanden zelfmoordgedachten heeft, dan ben je een fucking loser en mag je ontslagen worden, werkdruk of geen werkdruk. Mensen vandaag de dag willen alleen nog maar thuis in hun zetel zitten, mensen vandaag de dag willen alleen nog dingen kunnen gaan kopen, mensen vandaag de dag willen verandering maar willen zelf niet veranderen, mensen vandaag de dag gaan werken in de psychiatrie en zijn dan verwonderd dat ze er menselijk moeten zijn. Vrijdag avond. De psychologe, in opleiding, komt bij me. Ze zegt: "Ik heb goed nieuws. Je mag morgen naar huis van 's middags tot 's avonds 19u. 's Avonds moet je terug, maar als morgen alles goed verloopt, dan mag je zondag terug naar huis tot 's avonds." Ik weet niet wat te zeggen. Enkele uren geleden wou ik nog weglopen naar de autostrade en me onder een camion smijten. Ik zeg nog tegen de psychologe: "Wil je kijken om op mijn kamer die glazen lamp weg te doen, ik ben bang dat ik mezelf iets zou aandoen." HALLOOO, doet dat geen belletje rinkelen, is dat niet ergens een soort van stille hint... "Ah, ik zal het aan de verpleging doorgeven." Wadddeeeeee? Ze ging het aan de verpleging doorgeven. Wat nooit gebeurd is natuurlijk. De zaterdag morgen stond die lamp er nog altijd. Blijkbaar gebeuren er daar waarschijnlijk nooit zelfmoorden... of toch wel...  dipshits. De hele nacht heb ik wakker gelegen. De hele nacht heb ik zitten nadenken over hoe ik er thuis een einde aan ging maken. Ik heb geen oog dicht gedaan. Toen, die nacht, was ik absoluut Lieven al niet meer. De maanden ervoor was ik Lieven al niet meer, die week zelf was ik minder en minder Lieven, en die nacht voor de zaterdag stond ik op scherp, was ik bloed nuchter, en was ik niet van plan om ooit nog terug te keren naar Melle. Die vier dagen in Melle waren de verschrikkelijkste van mijn hele leven geweest. En niemand had moeite genomen om de pijn wat te verzachten. Dr. Loerens was niet elke morgen eens komen kijken hoe het ging met me, voor verpleging was ik een dier met een nummer, en voor de buitenwereld was ik een probleem dat genegeerd moest worden. Zaterdag morgen, 6u, het kamertje waar iedereen zich dood mag roken, gaat open. Eindelijk een sigaret. Na een hele nacht wakker liggen. GODVERDOMME ALS IK TERUGDENK AAN DIE PLAATS. Eigenlijk zou de psychiatrie mensen een soort van veilige haven moeten kunnen geven, een plaats waar je terug kan keren als het even niet meer gaat, maar dat is bij mij absoluut het geval niet. Ik steek mezelf nog liever in brand dan dat ik ooit terug moet gaan naar zo'n plaats. Ik kan tot op de dag van vandaag nog ongelofelijk ongelukkig worden, ongelofelijk eenzaam, me verschrikkelijk slecht voelen, maar als ik terugdenk aan die vier dagen daar in Melle, wel, dan verschijnt er bijna een glimlach op mijn gezicht. De psychiatrie in België is meer een afschrikkingsmiddel. Moesten ze zo te werk gaan in ziekenhuizen, iedereen zou wel een tweede keer nadenken voor hij zich liet opereren. Zaterdag. Nu komt het moeilijke deel. Nu komt het bloed, de eenzaamheid, het sterven, achtergelaten voor dood, ...

Vlaamse psychiaters slaan alarm: 'Mensen plegen zelfmoord omdat ze niet de juiste zorg krijgen'

Read in other languages:

ENFRESDEZHPTJA